Regeling · BWBR0045374
Regeling beveiliging burgerluchtvaart BES 2021
Gelet op de Artikelen 22g, derde lid, 22l, 22p, 22q, eerste lid, onder c en d, 22s, 22x, tweede lid en 22y, tweede lid, van de Luchtvaartwet BES;
Besluit:
Deze regeling zal met toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
De Minister van Justitie en Veiligheid,F.B.J.GrapperhausIn deze regeling wordt verstaan onder wet: de Luchtvaartwet BES.
De aanvraag om instemming van de ingebruikname van detectieapparatuur, bedoeld in artikel 22l, vierde lid, van de wet, wordt door de exploitant van een luchtvaartterrein, door tussenkomst van de commandant van de Koninklijke marechaussee ingediend bij de Minister van Justitie en Veiligheid.
Met het oog op de instemming door de Minister van Justitie en Veiligheid adviseert de commandant van de Koninklijke marechaussee de Minister van Justitie en Veiligheid over de ingebruikname van de detectieapparatuur.
Een beveiligingscontrole als bedoeld in artikel 22q, eerste lid, onder c en d, van de wet wordt verricht indien bij een verhoogde dreiging op grond van een risicoanalyse de Minister van Justitie en Veiligheid daartoe beslist.
Verboden voorwerpen als bedoeld in artikel 22s, onder b, van de wet kunnen slechts aan boord van een luchtvaartuig worden gebracht indien:
- a.
deze verboden voorwerpen zodanig zijn verpakt dat onmiddellijk gebruik onmogelijk is;
- b.
deze verboden voorwerpen buiten het bereik van passagiers worden opgeborgen;
- c.
de Minister van Justitie en Veiligheid toestemming heeft verleend om het voorwerp mee te nemen;
- d.
de luchtvaartmaatschappij voordat de passagiers aan boord gaan van het luchtvaartuig informatie heeft ontvangen over de passagier die het betreffende voorwerp wil meenemen alsmede over het voorwerp zelf; en
- e.
de toepasselijke veiligheidsregels, bedoeld in de Regeling vervoer gevaarlijke stoffen door de lucht BES, worden nageleefd.
Indien ruimbagage van een passagier gescheiden is geraakt ten gevolge van buiten de wil van de passagier gelegen omstandigheden, is de luchtvaartmaatschappij vrijgesteld van de verplichting, bedoeld in artikel 22p, eerste lid, van de wet, mits deze ruimbagage is gecontroleerd.
De Minister van Justitie en Veiligheid verleent mandaat en machtiging voor de uitoefening van de volgende bevoegdheden en het verrichten van daarbij behorende overige handelingen aan de commandant van de Koninklijke marechaussee:
- a.
het bij wijze van bestuursdwang verbieden en beletten van het opstijgen van een luchtvaartuig, bedoeld in artikel 22g, tweede lid, van de wet;
- b.
het opleggen van een last onder bestuursdwang als bedoeld in artikel 22x, eerste lid, van de wet;
- c.
het behandelen van een klacht als bedoeld in artikel 22y, eerste lid, van de wet.
De commandant van de Koninklijke marechaussee kan voor de aangelegenheden bedoeld in het eerste lid, ondermandaat en machtiging verlenen aan de onder hem ressorterende functionarissen.
De Regeling Beveiliging Burgerluchtvaart BES wordt ingetrokken.
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling beveiliging burgerluchtvaart BES 2021.
Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag waarop de Uitvoeringswet EG-verordening 300/2008 in werking treedt.