Regeling · BWBR0007495
Kaderbesluit rechtspositie VO
Op de voordracht van Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen, gedaan mede namens Onze Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij, van 17 maart 1995, nr. 95004629, directie Arbeidsvoorwaarden en Beroepskwaliteit;
Gelet op artikel 38a, tweede en derde lid, van de Wet op het voortgezet onderwijs;
De Raad van State gehoord (advies van 7 juli 1995, nr. W05.95.014);
Gezien het nader rapport van Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen, uitgebracht mede namens Onze Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij, van 13 juli 1995, nr. 95018398, directie Arbeidsvoorwaarden en Beroepskwaliteit;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Lasten en bevelen dat dit besluit en de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
Ambolesi National Park Kenia 25 juli 1995 Beatrix De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen, J. M. M. Ritzen De Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij, J. J. van Aartsen de eerste augustus 1995 De Minister van Justitie, W. SorgdragerINHOUD | |
HOOFDSTUK I. | ALGEMENE BEPALINGEN |
Artikel 1. | Begripsbepalingen |
Artikel 2. | Algemene Arbeidsduur |
HOOFDSTUK 2. | SALARISSEN |
Artikel 3. | Formatievaststelling |
Artikel 4. | Uitgangspunt voor het functiewaarderingssysteem met betrekking tot de functie van leraar |
Artikel 5. | Uitgangspunt voor het functiewaarderingssysteem met betrekking tot de functie van directeur |
Artikel 6. | Uitgangspunt voor het functiewaarderingssysteem met betrekking tot de functie van voorzitter centrale directie |
Artikel 7. | Functiebeloning |
Artikel 8. | Salaris voor jeugdigen |
Artikel 9. | Toelage minimumloon |
Artikel 10. | Algemene wijzigingen salarisbedragen |
Artikel 11. | Vakantie-uitkering |
HOOFDSTUK 3. | VERLOF EN AANSPRAKEN WEGENS ZIEKTE |
Artikel 12. | Bedrijfsgezondheidszorg |
Artikel 13. | Algemeen |
Artikel 14. | Verlof voor meer dan 55% van de betrekking |
Artikel 15. | Verlof voor ten hoogste 55% van de betrekking |
Artikel 16. | Ziekte in verband met de werkzaamheden |
Artikel 17. | Voortgezet ziekteverlof binnen vier weken |
Artikel 18. | Controle bij hervatting |
Artikel 19. | Zwangerschaps- en bevallingsverlof |
Artikel 20. | Kortingen |
Artikel 21. | Geen aanspraak op bezoldiging |
Artikel 22. | Staken van bezoldiging |
Artikel 23. | Uitbetaling en uitkering aan anderen |
Artikel 24. | Onderzoek tijdens ziekteverlof |
Artikel 25. | Reïntegratie van zieke betrokkenen |
Artikel 26. | Onderzoek ondanks dienstvervulling |
Artikel 27. | Hernieuwd onderzoek |
Artikel 28. | Onderzoek of diensthervatting uitgesloten is |
Artikel 29. | Pensioenonderzoek |
Artikel 30. | Uitkering aan groepen gepensioneerden |
Artikel 31. | Ziektekosten |
Artikel 32. | Kosten ziekte in verband met de werkzaamheden |
Artikel 33. | Anticumulatie wettelijke verzekering |
HOOFDSTUK 4. | OVERIGE BEPALINGEN |
Artikel 34. | Overgangsrecht functiewaardering |
Artikel 35. | Karakterbepalingen besluit |
Artikel 36. | Inwerkingtreding |
Artikel 37. | Citeertitel |
Bijlage 1A. | Salarisschalen |
Bijlage 1B. | Maandsalarissen in guldens voor jeugdigen |
Bijlage 1C. | Toeslagen begininkomens |
Bijlage 2. | Minimumloon en minimum vakantie-uitkering per maand |
Bijlage 3. | Taakkarakteristiek leraren voortgezet onderwijs (schalen 10 en 12) |
Bijlage 4. | Taakkarakteristiek directeur voortgezet onderwijs |
Bijlage 5. | Taakkarakteristiek voorzitter centrale directie voortgezet onderwijs |
Bijlage 6. | Schalen directeur en schalen voorzitter centrale directie |
Tenzij anders vermeld, wordt in dit besluit verstaan onder:
- a.
school: een openbare of uit de openbare kas bekostigde school voor voorbereidend wetenschappelijk onderwijs, school voor hoger algemeen voortgezet onderwijs, school voor middelbaar algemeen voortgezet onderwijs of school voor voorbereidend beroepsonderwijs, dan wel een scholengemeenschap bestaande uit twee of meer van deze schoolsoorten;
- b.
eerstegraadssector: de leerjaren 4 en 5 van een school voor hoger algemeen voortgezet onderwijs en de leerjaren 4, 5 en 6 van een school voor voorbereidend wetenschappelijk onderwijs;
- c.
tweedegraadssector: de leerjaren van een school voor middelbaar algemeen voortgezet onderwijs, van een school voor voorbereidend beroepsonderwijs en de eerste drie leerjaren van een school voor voorbereidend wetenschappelijk onderwijs en een school voor hoger algemeen voortgezet onderwijs;
- d.
betrokkene: een lid van het door het bevoegd gezag benoemde personeel;
- e.
Onze minister: Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen en, voor wat betreft het landbouwonderwijs, Onze Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij;
- f.
bevoegd gezag: wat betreft:
- -
een gemeentelijke school: het college van burgemeester en wethouders, voor zover de raad dit niet anders bepaalt en, indien de raad dit wenselijk oordeelt, met inachtneming van door hem te stellen regels;
- -
een andere openbare school: het krachtens de desbetreffende gemeenschappelijke regeling bevoegd orgaan;
- -
een bijzondere school: het schoolbestuur;
- -
- g.
normbetrekking: de betrekking waarvan de omvang gelijk is aan die van de door het bevoegd gezag vastgestelde volledige weektaak;
- h.
benoeming: de benoeming bij het bijzonder onderwijs en de aanstelling bij het openbaar onderwijs;
- i.
functie: het samenstel van werkzaamheden door de betrokkene te verrichten krachtens en overeenkomstig hetgeen hem door het bevoegd gezag is opgedragen.
De algemene arbeidsduur bestaat uit de componenten werktijd en verlof.
De werktijd van de betrokkene die is benoemd in een normbetrekking bedraagt 1659 uur per jaar, aangevuld met 51 uur verlof, waarbij de gemiddelde weektaak op jaarbasis gelijk is aan 36,86 uur.
In afwijking van het tweede lid kan de algemene arbeidsduur van de betrokkene die is benoemd in een normbetrekking ten hoogste 1790 uur per jaar bedragen, waarbij het aantal uren verlof gelijk is aan die arbeidsduur verminderd met 1659 uur. De eerste volzin vindt slechts toepassing mits hieruit geen verdringing van ander personeel voortvloeit.
De verlofuren, bedoeld in het tweede en derde lid, kunnen ofwel in de vorm van een jaarverlof ofwel als meerjarig spaarverlof worden opgenomen.
Het bevoegd gezag stelt de formatie voor de school vast. De formatie omvat het geheel van functies in aantallen en niveaus voor het personeel van de school.
Aard en niveau van de functie worden bepaald aan de hand van taakkarakteristieken en functietyperingen, die door het bevoegd gezag worden vastgesteld, volgens het door het bevoegd gezag te hanteren functiewaarderingssysteem, daarbij uitgaande van het bepaalde in de artikelen 4, 5 en 6. Het bevoegd gezag stelt een bezwarencommissie functiewaardering in.
Het bevoegd gezag stelt ingevolge het tweede lid voor elke functie een salarisschaal vast waarbij het gebruik maakt van de in de bijlage 1A bij dit besluit vermelde reeks van genummerde salarissen, behorende bij een normbetrekking.
Het bevoegd gezag stelt regels vast omtrent de wijze waarop de betrokkene het maximumsalaris van de bij zijn functie behorende schaal bereikt, waarbij het gebruik maakt van de in de bijlagen 1A, 1C of 1D vermelde salarisbedragen en stelt regels vast met betrekking tot de in bijlage 1E vermelde toelage.
Voor het functiewaarderingssysteem geldt voor de functie van leraar, waarvan de taakkarakteristiek is opgenomen in bijlage 3, als uitgangspunt:
- a.
schaal 10 voor de functie van leraar werkzaam in de tweedegraadssector;
- b.
schaal 12 voor de functie van leraar werkzaam in de eerstegraadssector.
De in het eerste lid genoemde salarisschalen zijn de schalen als vermeld in bijlage 1A.
Voor het functiewaarderingssysteem geldt voor de functie van directeur, waarvan de taakkarakteristiek is opgenomen in bijlage 4 als uitgangspunt:
- a.
indien het betreft een school met uitsluitend een tweedegraadssector: schaal 11, 12 of 13, afhankelijk van het aantal leerlingen en de complexiteit van de school, zoals aangegeven in bijlage 6;
- b.
indien het betreft een school met een eerstegraadssector: schaal 13, 14 of 15 afhankelijk van het aantal leerlingen en de complexiteit van de school, zoals aangegeven in bijlage 6.
De in het eerste lid genoemde salarisschalen zijn de schalen als vermeld in bijlage 1A.
Voor het functiewaarderingssysteem geldt voor de functie van voorzitter van de centrale directie waarvan de taakkarakteristiek is opgenomen in bijlage 5, als uitgangspunt dat het betreft een school waarvan de uitkomst van de formule (c * 100) + 1, groter is dan of gelijk is aan 1 000, een en ander als aangegeven in bijlage 6, en:
- a.
indien het betreft een school met uitsluitend een tweedegraadssector: schaal 13 of 14, afhankelijk van de toepassing van artikel 32b, eerste lid van de Wet op het voortgezet onderwijs;
- b.
indien het betreft een school met een eerstegraadssector: schaal 15 of 16, afhankelijk van de toepassing van artikel 32b, eerste lid van de Wet op het voortgezet onderwijs.
De in het eerste lid genoemde salarisschalen zijn de schalen als vermeld in bijlage 1A.
De betrokkene wordt benoemd in een van de functies die beschikbaar zijn ingevolge de door het bevoegd gezag vastgestelde formatie.
Het bevoegd gezag stelt, met inachtneming van dit artikel en van artikel 3, regels vast met betrekking tot de wijze waarop het salaris van de betrokkene bij zijn indiensttreding wordt bepaald.
Het salaris van de betrokkene met een onvolledige werktijd wordt vastgesteld op een evenredig deel van het salaris bij een volledige werktijd.
In afwijking van het eerste lid kan een betrokkene in het in dat lid bedoelde geval worden benoemd in twee functies van het onderwijsondersteunend personeel dan wel in twee functies waarvan één van het onderwijzend personeel en één van het onderwijsondersteunend personeel, indien er een verschil is van meer dan drie schalen tussen de bij die functies behorende maximumschalen.
In afwijking van artikel 3, derde lid, wordt het salaris van een betrokkene die de leeftijd van 22 jaar nog niet heeft bereikt, vastgesteld op het bedrag dat in de voor hem geldende schaal is opgenomen bij het salarisnummer bestaande uit de letter J en het getal dat overeenkomt met zijn leeftijd in jaren, voor zover de schaal in bijlage 1B dit aangeeft.
Het salaris van de betrokkene die de leeftijd van 22 jaar bereikt wordt met ingang van de eerste dag van de maand waarin hij die leeftijd bereikt, vastgesteld op het bedrag dat in de voor hem van toepassing zijnde schaal is vermeld bij salarisnummer 0.
Indien het salaris minder is dan het maandbedrag van het minimumloon als vermeld in bijlage 2 dat krachtens de artikelen 7, 8 en 14 van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag geldt voor werknemers van dezelfde leeftijd als betrokkene, wordt hem een toelage toegekend ten bedrage van het verschil.
Voor de betrokkene met een onvolledige werktijd wordt het voor werknemers van dezelfde leeftijd geldende minimumloon geacht te zijn vastgesteld op een evenredig deel van het minimumloon bij een volledige werktijd.
De salarisbedragen, genoemd in de bijlagen bij dit besluit, kunnen worden gewijzigd bij ministeriële regeling.
De betrokkene heeft aanspraak op een vakantie-uitkering voor de tijd gedurende welke hij als zodanig salaris heeft genoten. Voor de toepassing van de eerste volzin wordt onder tijd, gedurende welke salaris is ontvangen, niet begrepen tijd gedurende welke de betrokkene wegens verplichte militaire dienst, anders dan voor herhalingsoefeningen, niet verlof zijnde, slechts salaris heeft ontvangen tot een bedrag van het op hem te verhalen gedeelte van de pensioenbijdrage.
Tenzij uit het derde en het vierde lid anders voortvloeit, bedraagt de vakantie-uitkering per kalendermaand 8% van het bedrag dat de betrokkene in die maand aan salaris heeft ontvangen. Voor de toepassing van de eerste volzin wordt in de gevallen, bedoeld in de artikelen 8 en 9, steeds uitgegaan van het volledige aan zijn betrekking verbonden salaris.
Voor de betrokkene die in de van toepassing zijnde maand op grond van het eerste lid aanspraak heeft op een bedrag dat lager is dan het bedrag dat in bijlage 2 bij dat besluit bij zijn leeftijd is vermeld, wordt de vakantie-uitkering vastgesteld op laatstbedoeld bedrag.
Het in het derde lid bedoelde bedrag wordt naar evenredigheid verminderd, indien:
- a.
de betrokkene is aangesteld in een betrekking met een omvang van minder dan een normbetrekking.
- b.
het salaris van de betrokkene op een andere dag dan de eerste dag van die maand is aangevangen dan wel indien hij in een deel van die maand geen salaris heeft ontvangen;
- c.
de betrokkene in de loop van die maand slechts een gedeelte van zijn salaris heeft ontvangen wegens verleend verlof, in verband met non-activiteit, bij wijze van disciplinaire straf of uit hoofde van schorsing.
De vakantie-uitkering wordt aan de betrokkene eenmaal per jaar in de maand mei uitbetaald over de periode van twaalf maanden die eindigt met de maand mei. In afwijking hiervan vindt bij ontslag van de betrokkene de uitbetaling plaats over het tijdvak, gelegen tussen het einde van de laatst verstreken periode waarover de vakantie-uitkering werd uitbetaald en de datum van ontslag.
Onze minister kan bij ministeriële regeling bepalen dat recht bestaat op een algemene eindejaarsuitkering en daarbij de wijze waarop deze uitkering wordt berekend, vaststellen.
In de ministeriële regeling, bedoeld in het eerste lid, kan worden bepaald dat de ministeriële regeling terugwerkt tot en met 1 augustus 1996.
Vervallen
De bepalingen in dit besluit zijn regelen voor het openbaar onderwijs, tevens voorwaarden voor de bekostiging voor het bijzonder onderwijs.
Artikel 4, eerste lid, luidt van 1 maart 2001 tot 1 augustus 2003:
Voor het functiewaarderingssysteem geldt voor de functie van leraar, waarvan de taakkarakteristiek is opgenomen in bijlage 3, als uitgangspunt:
- a.
schaal LB voor de functie van leraar werkzaam in de tweedegraadssector;
- b.
schaal LD voor de functie van leraar werkzaam in de eerstegraadssector.
In afwijking van artikel 11a geldt in 2001 in plaats van «13e maand»: structurele eindejaarsuitkering.
Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 augustus 1996, met dien verstande dat artikel 12 vervalt met ingang van 1 augustus 1997.
Met ingang van het tijdstip van inwerkingtreding van dit besluit vindt het Rechtspositiebesluit onderwijspersoneel geen toepassing meer op de school en de betrokkene. In afwijking van de eerste volzin, blijft hoofdstuk III-A van het Rechtspositiebesluit onderwijspersoneel wel van toepassing, met dien verstande dat in genoemd hoofdstuk onder “betrokkene”, “instelling”, “bevoegd gezag” en “Onze minister” wordt verstaan hetgeen daaronder werd verstaan op grond van artikel I-A1 van het Rechtspositiebesluit onderwijspersoneel, zoals dat luidde op 31 juli 1996.
Dit besluit wordt aangehaald als Kaderbesluit rechtspositie VO.
Vervallen
Vervallen
Vervallen
Vervallen
Vervallen
Vervallen
Vervallen
Vervallen
Vervallen
Vervallen
Vervallen
Vervallen
Vervallen
Vervallen
Vervallen
Vervallen
Vervallen
Vervallen
Vervallen
Vervallen
Vervallen
Vervallen
Salarisschalen met salarisnummers en maandbedragen in euro behorende bij een normbetrekking
Per 1 januari 2002
Schaal 1 | Schaal 2 | Schaal 3 | |||
sal nr. | bedrag | sal nr. | bedrag | sal nr. | bedrag |
0 | 1252,89 | 0 | 1279,21 | 0 | 1305,98 |
1 | 1305,98 | 1 | 1333,66 | 1 | 1333,66 |
2 | 1358,16 | 2 | 1384,03 | 2 | 1384,03 |
3 | 1384,03 | 3 | 1442,11 | 3 | 1442,11 |
4 | 1479,78 | 4 | 1523,34 | ||
u4 | 1412,62 | 5 | 1575,98 | ||
u5 | 1442,11 | u5 | 1523,34 | 6 | 1626,80 |
u7 | 1479,78 | u6 | 1575,98 | ||
u8 | 1626,80 | u7 | 1675,81 | ||
u8 | 1724,82 | ||||
u10 | 1771,10 | ||||
Schaal 4 | Schaal 5 | Schaal 6 | |||
sal nr. | bedrag | sal nr. | bedrag | sal nr. | bedrag |
0 | 1333,66 | 0 | 1384,03 | 0 | 1479,78 |
1 | 1358,16 | 1 | 1442,11 | 1 | 1523,34 |
2 | 1412,62 | 2 | 1523,34 | 2 | 1626,80 |
3 | 1479,78 | 3 | 1626,80 | 3 | 1724,82 |
4 | 1575,98 | 4 | 1675,81 | 4 | 1771,10 |
5 | 1626,80 | 5 | 1724,82 | 5 | 1818,30 |
6 | 1675,81 | 6 | 1771,10 | 6 | 1864,58 |
7 | 1724,82 | 7 | 1818,30 | 7 | 1909,96 |
8 | 1864,58 | 8 | 1958,52 | ||
u8 | 1771,10 | 9 | 2006,16 | ||
u9 | 1818,30 | u9 | 1909,96 | 10 | 2051,99 |
u11 | 1864,58 | u10 | 1958,52 |
Schaal 7 | Schaal 8 | Schaal 9 | |||
sal nr. | bedrag | sal nr. | bedrag | sal nr. | bedrag |
0 | 1675,81 | 0 | 1909,96 | 0 | 2101,46 |
1 | 1724,82 | 1 | 2006,16 | 1 | 2204,01 |
2 | 1818,30 | 2 | 2101,46 | 2 | 2317,91 |
3 | 1909,96 | 3 | 2204,01 | 3 | 2416,38 |
4 | 1958,52 | 4 | 2263,46 | 4 | 2515,30 |
5 | 2006,16 | 5 | 2317,91 | 5 | 2609,24 |
6 | 2051,99 | 6 | 2365,10 | 6 | 2701,81 |
7 | 2101,46 | 7 | 2416,38 | 7 | 2804,36 |
8 | 2151,83 | 8 | 2469,02 | 8 | 2895,57 |
9 | 2204,01 | 9 | 2515,30 | ||
10 | 2263,46 | 10 | 2560,23 | ||
Schaal 10 | Schaal 11 | Schaal 12 | |||
sal nr. | bedrag | sal nr. | bedrag | sal nr. | bedrag |
0 | 2006,16 | 0 | 2701,81 | 0 | 3282,65 |
1 | 2101,46 | 1 | 2804,36 | 1 | 3379,76 |
2 | 2204,01 | 2 | 2895,57 | 2 | 3475,05 |
3 | 2317,91 | 3 | 2986,78 | 3 | 3570,80 |
4 | 2416,38 | 4 | 3078,44 | 4 | 3662,91 |
5 | 2515,30 | 5 | 3180,55 | 5 | 3760,02 |
6 | 2609,24 | 6 | 3282,65 | 6 | 3855,77 |
7 | 2701,81 | 7 | 3379,76 | 7 | 3947,89 |
8 | 2804,36 | 8 | 3475,05 | 8 | 4043,64 |
9 | 2895,57 | 9 | 3570,80 | 9 | 4163,43 |
10 | 2986,78 | 10 | 3662,91 | 10 | 4221,97 |
11 | 3078,44 | 11 | 3712,38 | ||
12 | 3180,55 |
Schaal 13 | Schaal 14 | Schaal 15 | |||
sal nr. | bedrag | sal nr. | bedrag | sal nr. | bedrag |
0 | 3760,02 | 0 | 3947,89 | 0 | 4282,32 |
1 | 3855,77 | 1 | 4043,64 | 1 | 4402,12 |
2 | 3947,89 | 2 | 4163,43 | 2 | 4522,37 |
3 | 4043,64 | 3 | 4282,32 | 3 | 4641,72 |
4 | 4163,43 | 4 | 4402,12 | 4 | 4767,87 |
5 | 4282,32 | 5 | 4522,37 | 5 | 4898,10 |
6 | 4402,12 | 6 | 4641,72 | 6 | 5031,52 |
7 | 4522,37 | 7 | 4767,87 | 7 | 5191,70 |
8 | 4579,55 | 8 | 4898,10 | 8 | 5357,33 |
9 | 5031,52 | 9 | 5527,95 |
Schaal 16 | Schaal 17 | Schaal 18 | |||
sal nr. | bedrag | sal nr. | bedrag | sal nr. | bedrag |
0 | 4641,72 | 0 | 5031,52 | 0 | 5527,95 |
1 | 4767,87 | 1 | 5191,70 | 1 | 5704,02 |
2 | 4898,10 | 2 | 5357,33 | 2 | 5885,98 |
3 | 5031,52 | 3 | 5527,95 | 3 | 6073,85 |
4 | 5191,70 | 4 | 5704,02 | 4 | 6268,07 |
5 | 5357,33 | 5 | 5885,98 | 5 | 6468,18 |
6 | 5527,95 | 6 | 6073,85 | 6 | 6674,65 |
7 | 5704,02 | 7 | 6268,07 | 7 | 6887,93 |
8 | 5885,98 | 8 | 6468,18 | 8 | 7108,01 |
9 | 6073,85 | 9 | 6674,65 | 9 | 7335,36 |
Maandsalarissen in euro voor jeugdigen met salarisnummers behorende bij een normbetrekking
Per 1 januari 2002
Schaal 1 | Schaal 2 | Schaal 3 | |||
leeftijd | bedrag | leeftijd | bedrag | leeftijd | bedrag |
J15 | 626,67 | J15 | 639,83 | ||
J16 | 626,67 | J16 | 639,83 | J16 | 652,99 |
J17 | 626,67 | J17 | 639,83 | J17 | 652,99 |
J18 | 751,91 | J18 | 767,34 | J18 | 783,68 |
J19 | 877,16 | J19 | 895,31 | J19 | 914,37 |
J20 | 1002,40 | J20 | 1023,27 | J20 | 1044,60 |
J21 | 1127,64 | J21 | 1151,24 | J21 | 1175,29 |
Schaal 4 | Schaal 5 | ||||
leeftijd | bedrag | leeftijd | bedrag | ||
J16 | 667,06 | ||||
J17 | 667,06 | J17 | 692,01 | ||
J18 | 800,01 | J18 | 830,42 | ||
J19 | 933,43 | J19 | 968,82 | ||
J20 | 1066,84 | J20 | 1107,22 | ||
J21 | 1200,25 | J21 | 1245,63 |
Maandsalarissen onderwijzend personeel in euro behorend bij een normbetrekking
Per 1 januari 2002 behorend bij maximumschaal
nr. | schaal 9 | nr. | schaal 10 | nr. | schaal 11 |
3 | 2006,16 | 2 | 2081,49 | 2 | 2093,74 |
4 | 2040,20 | 3 | 2115,52 | 3 | 2184,04 |
5 | 2074,68 | 4 | 2164,08 | 4 | 2295,67 |
6 | 2108,26 | 5 | 2198,11 | 5 | 2370,09 |
7 | 2142,30 | 6 | 2253,02 | 6 | 2392,33 |
8 | 2178,15 | 7 | 2288,87 | 7 | 2487,62 |
9 | 2198,11 | 8 | 2320,63 | 8 | 2523,47 |
10 | 2216,26 | 9 | 2356,48 | 9 | 2590,18 |
11 | 2235,32 | 10 | 2395,05 | 10 | 2659,15 |
12 | 2260,73 | 11 | 2416,38 | 11 | 2751,72 |
13 | 2283,88 | 12 | 2471,74 | 12 | 2842,03 |
14 | 2309,29 | 13 | 2494,43 | 13 | 2917,81 |
15 | 2331,07 | 14 | 2517,12 | 14 | 3009,02 |
16 | 2355,12 | 15 | 2540,26 | 10.11 | 3078,44 |
17 | 2392,33 | 16 | 2560,23 | 10.12 | 3180,55 |
8.7 | 2416,38 | 9.5 | 2609,24 | 11.6 | 3282,65 |
8.8 | 2469,02 | 9.6 | 2701,81 | 11.7 | 3379,76 |
8.9 | 2515,30 | 9.7 | 2804,36 | 11.8 | 3475,05 |
8.10 | 2560,23 | 9.8 | 2895,57 | 11.9 | 3570,80 |
9.5 | 2609,24 | 10.10 | 2986,78 | 11.10 | 3662,91 |
9.6 | 2701,81 | 10.11 | 3078,44 | 11.11 | 3712,38 |
9.7 | 2804,36 | 10.12 | 3180,55 | ||
9.8 | 2895,57 |
Bevattende aanlooptraject in euro voor functies in het kader van de Regeling in- en doorstroombanen voor langdurig werklozen.
Per 1 januari 2002
Nummer | Maandsalaris | |
1 | 1180,40 | Minimumloon |
2 | 1216,58 |
Toelage volgens artikel 3, vierde lid, in maandbedragen in euro behorend bij een normbetrekking
Per 1 januari 2002
Maximumschaal | Toelage |
schaal 9 | 25,87 |
schaal 10 | 22,69 |
schaal 11 | 41,29 |
schaal 12 | 20,42 |
MINIMUMLOOM
per maand in euro bij een normbetrekking
per 1 januari 2002
bij de leeftijd van | bedrag |
23 jaar of ouder | 1180,40 |
22 jaar | 1003,30 |
21 jaar | 885,70 |
20 jaar | 735,90 |
19 jaar | 619,70 |
18 jaar | 537,00 |
17 jaar | 466,20 |
16 jaar | 407,20 |
15 jaar | 354,10 |
Minimum vakantie-uitkering
in euro per maand bij een normbetrekking
per 1 januari 2002
bij de leeftijd van | bedrag |
22 jaar of ouder | 124,24 |
21 jaar | 111,82 |
20 jaar | 99,39 |
19 jaar | 86,97 |
18 jaar | 74,54 |
17 jaar | 62,12 |
16 jaar | 62,12 |
15 jaar | 62,12 |
1. De functie van leraar omvat:
- a.
het geven van lessen;
- b.
het verrichten van niet-lesgevende taken voor zover naar aard en omvang redelijkerwijs binnen een normale leraarstaak past;
- c.
het verrichten van externe taken ten behoeve van het onderwijs;
- d.
het in het kader van contractactiviteiten verrichten van andere werkzaamheden die, naar aard en niveau, overeenkomen met de functie van betrokkene, waaronder tevens is begrepen het bij afwezigheid van de directeur, een adjunct-directeur of een leraar verrichten van die werkzaamheden.
2. Onder lesgeven wordt verstaan:
- a.
het geven van lessen en het verrichten van de daaruit voor de leraar rechtstreeks voortvloeiende werkzaamheden;
- b.
het bij afwezigheid vervangen van de directeur, een adjunct-directeur of een leraar, voor wat betreft het geven van diens lessen voor zover naar aard en omvang redelijkerwijs binnen een normale leraarstaak past.
3. Onder niet-lesgevende taken zijn onder meer begrepen:
- a.
het deelnemen aan leraarsvergaderingen; het onderhouden van contacten met andere leraren ten behoeve van de vereiste samenhang in het onderwijs; het onderhouden van contacten met ouders;
- b.
de vorming en begeleiding van aanstaande leraren;
- c.
het verrichten van bijzondere taken ten behoeve van de instelling, van individuele leerlingen of groepen leerlingen;
- d.
het op peil houden van kennis en vaardigheden, waaronder het volgen van nascholing;
- e.
het bij afwezigheid van de directeur, een adjunct-directeur of een leraar verrichten van urgente werkzaamheden;
- f.
overige werkzaamheden ten behoeve van de goede gang van zaken aan de instelling.
4. Onder externe taken zijn onder meer begrepen:
- a.
met instemming van de leraar: het optreden als rijksgecommitteerde bij een examen aan andere instellingen voor voortgezet onderwijs;
- b.
het uitvoeren van werkzaamheden samenhangend met de tweede correctie van eindexamenwerk;
- c.
overige door Onze minister aan te wijzen werkzaamheden ten behoeve van het onderwijs.
De leraar met de schaal 10-functie verricht de werkzaamheden in overwegende mate in de tweedegraadssector.
De leraar met de schaal 12-functie verricht de werkzaamheden voor ten minste 50% op eerstegraadsniveau.
De directeur is onder verantwoordelijkheid van het bevoegd gezag verantwoordelijk voor:
- a.
het geven van leiding aan de instelling;
- b.
het mede zorg dragen voor voorbereiding en uitvoering van het onderwijskundig, schoolorganisatorisch en huishoudelijk beleid van de instelling;
- c.
het mede voorbereiden en uitvoeren van het personeelsbeleid van de instelling;
- d.
het mede voorbereiden en uitvoeren van het financiële beleid aan de instelling;
- e.
het mede verrichten van beleidsvoorbereidend werk ten behoeve van het bevoegd gezag en het voorbereiden van de bestuursvergaderingen indien dit door het bevoegd gezag wordt opgedragen;
- f.
het onderhouden van interne en externe contacten met betrekking tot de vorengenoemde taken;
- g.
het geven van lessen en het verrichten van lesgevende taken als omschreven in de in bijlage 3 van dit besluit opgenomen taakkarakteristiek voor de normfuncties leraren voortgezet onderwijs, voor zover dit door het bevoegd gezag wordt opgedragen;
- h.
al hetgeen overigens binnen een normale directietaak past.
De directeur is verantwoordelijk voor alle tot de taak van de directie behorende werkzaamheden.
De voorzitter van de centrale directie is onder verantwoordelijkheid van het bevoegd gezag verantwoordelijk voor:
- a.
het geven van leiding aan de instelling;
- b.
het mede zorg dragen voor voorbereiding en uitvoering van het onderwijskundig, schoolorganisatorisch en huishoudelijk beleid van de instelling;
- c.
het mede voorbereiden en uitvoeren van het personeelsbeleid van de instelling;
- d.
het mede voorbereiden en uitvoeren van het financiële beleid aan de instelling;
- e.
het mede verrichten van beleidsvoorbereidend werk ten behoeve van het bevoegd gezag en het voorbereiden van de bestuursvergaderingen indien dit door het bevoegd gezag wordt opgedragen;
- f.
het onderhouden van interne en externe contacten met betrekking tot de vorengenoemde taken;
- g.
het geven van lessen en het verrichten van lesgevende taken als omschreven in de in bijlage 3 van dit besluit opgenomen taakkarakteristiek voor de normfuncties leraren voortgezet onderwijs, voor zover dit door het bevoegd gezag wordt opgedragen;
- h.
het verrichten van bij wettelijk voorschrift aan het bevoegd gezag opgedragen taken en bevoegdheden, indien en voor zover deze taken en bevoegdheden met toepassing van het bepaalde in artikel 32b, eerste lid, van de Wet op het voortgezet onderwijs zijn overgedragen aan de voorzitter van de centrale directie;
- i.
al hetgeen overigens binnen een normale directietaak past.
De voorzitter van decentrale directie is verantwoordelijk voor alle tot de taak van de directie behorende werkzaamheden.
2. In 1.1 t/m 1.4 geldt: c = het aantal standaardscholen/afdelingen als hierna aangegeven een gymnasium, een atheneum, een school of afdeling voor hoger algemeen voortgezet onderwijs | = 1; |
een lyceum | = 2; |
een school voor voorbereidend beroepsonderwijs met: 1°. een of meer van de afdelingen uit de groep bouwtechniek, mechanische techniek, elektrotechniek, installatietechniek, consumptieve techniek, grafische techniek | = het aantal afdelingen gedeeld door 3, welk getal naar boven wordt afgerond op een geheel getal, met dien verstande dat afdelingen individueel voorbereidend beroepsonderwijs behorende tot deze groep afdelingen worden geteld als één afdeling; |
2°. een of meer van de afdelingen uit de groep verzorging, uiterlijke verzorging mode en kleding, verkoop, administratie | = het aantal afdelingen gedeeld door 3, welk getal naar boven wordt afgerond op een geheel getal; |
3°. een afdeling handel | = 1; |
4°. één dan wel beide afdelingen uit de groep landbouw en natuurlijke omgeving, levensmiddelentechnologie, met inbegrip van de desbetreffende afdeling of afdelingen voor individueel voorbereidend beroepsonderwijs indien aan een school voor voorbereidend beroepsonderwijs afdelingen genoemd onder ten 1°, ten 2°, ten 3° of ten 4° zijn verbonden is de waarde van c de som van de waarden ingevolge het bepaalde onder ten 1°, ten 2°, ten 3° of ten 4°, met dien verstande dat dit getal niet hoger is dan 4; | = 1; |
een school voor individueel voorbereidend beroepsonderwijs met de afdelingen individueel voorbereidend beroepsonderwijs bouwtechniek, mechanische techniek of consumptieve techniek | = 1; |
een scholengemeenschap als bedoeld in artikel 1 van het Formatiebesluit W.V.O.3. | = de som van het aantal standaardscholen waaruit de scholengemeenschap is gevormd, met dien verstande dat dit getal niet hoger is dan 4. |
l = het aantal leerlingen op 1oktober van het voorafgaande schooljaar met dien verstande dat voor het schooljaar 1996-1997 uitgegaan wordt van 15 september van het voorafgaande schooljaar.
directeur | |
(c x 100) + l is minder dan 400 | schaal 11 |
(c x 100) + l is 400 of meer doch minder dan 1 000 | schaal 12 |
(c x 100) + l is 1 000 of meer | schaal 13 |
directeur | |
(c x 100) + l is minder dan 500 | schaal 13 |
(c x 100) + l is 500 of meer doch minder dan 1 000 | schaal 14 |
(c x 100) + l is 1 000 of meer | schaal 15 |
1.3 Schalen voorzitter centrale directie voor een instelling met uitsluitend een tweedegraads sector
Voorzitter centrale directie zonder toepassing artikel 32b, eerste lid, WVO | schaal 13 |
Voorzitter centrale directie met toepassing artikel 32b, eerste lid, WVO | schaal 14 |
Voorzitter centrale directie zonder toepassing artikel 32b, eerste lid, WVO | schaal 15 |
Voorzitter centrale directie met toepassing artikel 32b, eerste lid, WVO | schaal 16 |